Aardbevingen zorgen voor vulkanen
Wat heeft een vulkaan met een aardbeving te maken? Vulkanen kunnen veroorzaakt worden door aardbevingen. Om dit goed te kunnen begrijpen moet je even denken aan een patatpan. Als je een patatpan hebt aangezet, dan wordt het vet verwarmd. Als de pan warm genoeg is, dan wordt de patat erin gegooid. Koude patat in het warme vet. Veel gesis en gespetter. Koud en heet kunnen elkaar niet verdragen. Dit noemen we het patatpaneffect.
Als een dunne oceanische plaat tegen een dikke continentale plaat schuift, dan gaat dik voor dun. De dikke plaat is het sterkst en drukt de dunne plaat naar beneden. (als je hier nog meer over wilt lezen, klik hier)
De dunne plaat verdwijnt in de aarde en komt in het magma terecht. Dit is vloeibaar gesteente. (lees hier meer over.)
En dan treedt het patatpaneffect op. De koude plaat komt in de hete magma. Koud en heet kunnen elkaar niet verdragen en het magma gaan spetteren, koken en sissen en zoekt een uitweg naar buiten. Een vulkaan is ontstaan. Meer over deze vulkanen lees je bij stratovulkanen

Ook als platen uit elkaar schuiven, ontstaat er een vulkaan. Hierover lees je meer bij de lavavulkanen